zaterdag 15 september 2012

Oud indianen dorp

Op zondag komen onze oudste dochter Saskia en haar vriend Sven, naar Santa Marta. Nils voelt zich niet helemaal lekker, dus ik ga alleen in het begin van de avond, het is al donker, naar het vliegveld. De bus naar het vliegveld, stopt gewoon ergens langs de weg. Ja, hier moet ik uitstappen, maar geen vliegveld te zien. Ook geen taxi, die ik zou moeten nemen. Dan maar met de benenwagen. Gelukkig komt even later alsnog een andere bus langs die me mooi op tijd op het vliegveld afzet. We nemen een taxi terug, na bijna 30 uur reizen zijn Saskia en Sven aan het einde van hun Latijn.
De eerste dag doen we het rustig aan; we doen de wandeling langs de baai en gaan heerlijk uit eten in Taganga. Dinsdag varen we een stukje langs de kust om naar de marina van Santa Marta te gaan. We willen uitstapjes maken en de Pélagie niet onbeheerd in de baai achter laten. Onderweg komen we dolfijnen tegen. Wat een feest, ze dartelen voor ons uit!
Mieren vervoeren het voer voor hun vee
 
Navragen bij diverse toer operators leert ons dat georganiseerde tours best duur zijn. De Lonely Planet geeft voldoende informatie hoe het Tayrona Nationale park met de bus en te voet verkend kunnen worden. Dus gaan we woensdagochtend met gepakte rugzakken al vroeg op pad naar de bus. Die brengt ons in ruim een uur nmaar de ingang. Nee, we gaan niet verder met de bus, we gaan lopen, immers dit zou een wandeltocht worden. De jungle is prachtig en de weg over het asfalt gemakkelijk begaanbaar. Optimistisch als we zijn, hebben we snorkelspullen in onze rugzak, maar de zee is véél te wild op de stukjes strand waar we langs komen. De golven breken met veel geweld op de rotsen, het levert wel prachtige plaatjes op.
Na een heerlijke lunch en een paar spelletjes bridge om de hete middag uren te vermijden, lopen we door naar Arrecife. Ook nu prachtig door het oerwoud, zonder asfalt. De mieren fascineren, ze hebben hele snelwegen waar ze het voer, stukjes blad, over vervoeren voor hun vee, luizen die een soort melk afscheiden waar de mieren van leven. Eerst denken we nog dat ze het blad van de eerste de beste boom halen, maar de afstanden die ze overbruggen zijn groot! Ook zijn er veel bloemen, sprinkhanen, duizendpoten, en aan het strand krabben en vogels te bekijen.
We slapen in een eenvoudig soort camping/jeugdherberg. De jongelui in hangmatten, Nils en ik in een huisje. Het eten is heel matig en voor de prijs van het huisje hadden we wel wat meer verwacht dan een enkel simpel acryl sprei op een kaal matras. Om 9 uur gaat het licht uit, dus wij ook maar naar bed. We zijn moe genoeg.
Het ontbijt is pas vanaf half 8, dan zijn we allang wakker daarom lopen we het eerste traject langs het strand, dus in de zon, vóór we ontbijten in de volgende camping. Dan begint de grote klim naar het oude indianen dorp El Pueblito. Het pad gaat steil omhoog met veel treden, onder en over grote rotsen. Die zijn soms zo steil dat we blij zijn dat Saskia haar stokken bij zich heeft en we die kunnen gebruiken om ons aan op te trekken. En natuurlijk is het warm, zeg maar “heet”, zeker zo rond het middag uur. Een ware uitputtingslag voor ons allemaal. Na een laatste klauterpartij zien we zowaar de fundamenten van een tiental hutten voor ons liggen. Eén hut is weer opgebouwd door een ondernemende indianen familie die zelfs koude frisdank tegen woekerprijzen verkoopt. We hebben zo’n dorst dat we eerst meer interesse hebben in een koud drankje en pas na een tijdje de fundamenten en hutten verder verkennen. Interessant om te zien. Dit dorp was bewoond tussen 400 en 1550. Daarna hebben de Spanjaarden alle indianen uitgeroeid, alleen hoog in de bergen konden ze overleven.
Het pad loopt door naar de weg terug naar Santa Marta, het eerste stuk nog steeds steil omhoog. De paden zijn prachtig aangelegd met passende stenen, waarschijnlijk nog door de indianen gebouwd. Aan het begin van de bewoonde wereld zien we net zo’n hut als er vroeger in El Pueblito gestaan moeten hebben. Twee kleine indianen meisjes zwaaien aarzelend als we langs lopen. We komen uitgeput aan bij de weg en na een goede maaltijd hebben we energie om de bus terug te nemen. Het was een schitterende tocht, we kijken er met voldoening op terug.  

Geen opmerkingen: