maandag 8 juni 2015

Luxe op het hotel eiland Nosy Saba



De Pélagie voor Nosy Saba
Hoteleiland Nosy Be
Op de terugweg van Moramba Bay op 1 juni is er lekker veel wind; we zeilen helemaal door tot Nosy Saba. Dit hele eiland is een resort, maar volgens onze pilot zijn zeilers van harte welkom. We gaan nog dezelfde middag op stap om te proberen het resort te vinden. Na een half uurtje lopen we naast het strand langs prachtige, luxe  bungalows verscholen tussen de bomen. 
Het hoofdgebouw bestaat uit een bar, een restaurant en een prachtig zwembad. De beheerder komt naar ons toe en geeft ons een rondleiding over het hele park. Wat een luxe! De volgende avond is er een diner met aansluitend dansen uit een aantal streken van Madagaskar, uitgevoerd door het personeel. Ook wij mogen komen, leuk.
De volgende ochtend ga ik eerst snorkelen, wel met een wetsuit aan, het is hier beduidend koeler. Het water in de baai is erg helder en er zit veel vis. Ik zie bekende soorten en ook weer nieuwe, mooi.
's Middags lopen we weer over het eiland en maken en prachtige wandeling onder leiding van een gids over scherpere krijtrotsen en langs oude imposante bomen. We hebben geluk, of een hele goede gids: de wilde makies laten zich zien.
Dans uit Noord Madagaskar
Na een lekkere cocktail bij het zwembad wordt om half acht het diner opgediend voor ons en de twee andere gasten. De manager en de dokter eten ook mee, daarmee is de zaal toch nog een beetje bevolkt. Het vier-gangen diner eten is heel erg lekker met o.a. krab en garnalen. We praten gezellig met de manager en de dokter. De dansen in dezelfde ruimte zijn wel aardig, maar niet indrukwekkend. Jammer dat de muziek uit slechte boxen komt. 
Bagage per ossekar naar het vliegtuig!
Toch een heel leuke avond en een interessant inkijkje in de organisatie van zo'n resort.

Nog meer Makies
De volgende dag varen we door naar een prachtige beschutte ankerplaats tussen het eiland Ansforana en het vasteland. Ook hier zou je mooi moeten kunnen snorkelen, maar het zicht is matig en er is weinig te zien. Op het eiland zijn drie soorten halfapen uitgezet, waarschijnlijk voor de toeristen. Als wij met Peltje aankomen ligt er net een toeristenboot. Een lokale gids voert de halfapen bananen. Het is leuk om deze beesten te zien, maar erg natuurlijk is het niet.
Niet zo natuurlijk, maar wel mooie plaatjes!
 Rond Nosy Bay
Vrijdag 2 juni varen we de baai van Nosy Bay weer binnen. We moeten nodig boodschappen doen en pas hier hebben de weer internet. We doen een vervelende ontdekking: onze familie in Nederland is ongerust geweest, omdat onze dagelijkse Sailmail berichtjes de laatste zes dagen niet zijn binnen gekomen! We hebben ze echt wel verstuurd. Navraag bij Sailmail  leert dat het volgstation in Afrika een storing had en de mailtjes niet zijn doorgestuurd naar het internet. Gelukkig kunnen we iedereen nu vertellen dat alles goed met ons is.
Alle zeilen bij
Zondag 7 juni organiseren we onze eigen dagtocht over het eiland Nosy Be. Met een tuk-tuk rijden we helemaal rond, door kleine dorpjes, langs rijstvelden en prachtige uitzichten. Er staan veel Ylang Ylang boomgaarden. Van de bloemen wordt een essence voor parfum gemaakt. We nemen een kijkje in een distilleerderij. Van buiten ziet de tuin rond het fabriekje er goed verzorgd uit, maar binnen is het een vreselijke troep.
De distelleerderij- vroeger een koffiefabriek
Vandaag maandag 8 juni hebben we uitgecheckt uit Madagaskar. Het straatleven in Hellesville blijft boeien. Hier een paar plaatjes:
Straathandel: de kinderen gaan gewoon mee en slapen op straat!
Peltje gaat te water tussen de kademuur en een oude roestige ferry
Via het eiland Mitsio zeilen we later deze week naar Mayotte. Pas daar verwachten we weer internet te hebben. Hopelijk valt het SSB volgstation niet nog een keer uit. . . .
PS De vorige 2 verhalen hebben nu ook fotos.

vrijdag 5 juni 2015

Imposante Baobab bomen

Een dorpje aan de kust bij Pointe Berangomaina
Iedere dag een ander behangetje in de Radama eilanden

We varen in een lange dag naar het noordelijkste van de Radama eilanden: Nosy Kalakajoro. Zoals iedere dag is de wind erg variabel, 's ochtends is er landwind, rond het middaguur is er niets en na een uur of één steekt de zeewind op. Deze eilanden zijn vaak een bestemming voor charter boten, maar als we in de middag ankeren zijn we het enige zeilschip. 's Avonds zien we zowaar drie lichtjes aan het strand. De volgende ochtend blijkt waarom, hier is een klein simpel resort dat gasten heeft. We spreken af om er te lunchen en vinden er een gids om ons mee te nemen op een wandeling over het eiland. 
Bewoners van het dorpje aan de andere kant van Nosy Kalakajoro.
Er is alleen een klein voetpaadje door de bossen, over en langs de velden en braakliggende akkers, langs een klein riviertje met een wasplaats naar uiteindelijk een dorpje aan de andere kant van het eiland. De mensen zijn heel vriendelijk, we mogen ze zelfs op de foto zetten. Jammer dat we niets bij ons hebben om te geven. Er zijn geen andere paadjes, dus we lopen hetzelfde pad weer terug.
Lunch in een simpel resort
De lunch is heerlijk en we praatten even met de gasten die hier een week logeren. Veel is er niet te doen maar het strand is prachtig. Wij gaan diezelfde middag een eilandje verder, naar Nosy Ovy. Ook hier ankeren we in een prachtige beschutte baai. Een kano komt langs en biedt ons papaja's aan voor een paar dubbeltjes. Dat is altijd lekker, iedereen blij.
Via Pointe Berangomaina, een mooi beschutte baai met een pittoresk dorpje aan de kust, varen we naar Nosy Lava, 40 mijl verder naar het zuiden. Hier liggen we behoorlijk onrustig, dus de volgende ochtend gaan we niet wandelen naar de vuurtoren maar gaan meteen verder naar Moramba Bay. 

Imposante Baobab bomen
Uitzicht vanuit de Pélagie op grote Baobab bomen
Er is nog steeds veel wind, dus komen we mooi op tijd aan. Moramba Baai is een hele grote baai waar we voorzichtig invaren. Het water is modderig, dus de diepte is niet goed met het oog te zien. Gelukkig kijkt onze 2-de dieptemeter 20 meter vooruit. We ankeren op een prachtige plek, krijtrotsen steken boven het water uit en langs het strand staan imposante boabab bomen! We zijn extra voorzichtig, hier moet niet iets fout gaan: geen zeilers, geen lokale mensen, geen telefoon (behalve onze iridium), hier zijn we helemaal op onszelf aangewezen.
De bananen zijn rijp, lekker op brood met chocolade pasta
De volgende ochtend gaan we met Peltje op verkenning, langs de champignonrotsen naar de verschillende strandjes. Van dichtbij bewonderen we de dikke stam van de baobab. Hier slaat de boom water in op voor het droge seizoen. Dat is nu, zijn bladeren heeft hij al laten vallen. De vruchten hangen nog aan de kale takken. 
De baobabs steken overal bovenuit
Voor de lokale bewoners is de baobab belangrijk, het fruit wordt gegeten, de zaden "heilig". We vinden inderdaad offerandes aan de voet van eenkunnen worden uitgeperst voor olie, van de bast worden daken gemaakt en het is een plaats waar voorouders wonen.
Vanaf het strand is een pad dat over de heuvels het binnenland ingaat. We lopen er ruim een half uur langs, niets of niemand te zien. Waarschijnlijk gaat het naar een dorpje, maar wij keren terug.
Zeearend
Volgens de pilot zouden we hier halfapen moeten kunnen zien. De eerste ochtend zien we alleen honden op het strand, maar de tweede ochtend ziet Nils een witte vlek hoog in de boom. Het is inderdaad een grote maki die zich door de takken van de baobab slingert, een prachtig gezicht.
Grote witte maki met een zwarte snoet
We verkassen naar een andere ankerplek in het zuiden van deze grote baai. Ook hier een indrukwekkende kust van champignonrotsen en grote baobab bomen. We vinden weer een pad dat verder het binnenland in loopt, langs een waterput en koeien. Mensen of een dorpje zien we ook hier niet. Wel koeien, reigers, een zeearend en heel veel krabben.
Champignon rotsen
Als we 's-middags met Peltje een tocht maken naar het oosten langs de kust, zien we verscholen in een baaitje toch een paar kleine hutjes, er vaart een bootje vandaan en er zitten mensen. 
Deze bloeiend boom zien we op veel plaatsen
Morgen beginnen we aan onze terugkeer naar Nosy Bay om daar uit te klaren. De tweede week van juni willen we in Mayotte zijn, van waaruit we eind juni terugvliegen naar Nederland.
----------
radio email processed by SailMail
for information see: http://www.sailmail.com

maandag 25 mei 2015

Langs de kust naar het Zuiden

Carnaval in Nosy Be
Optocht achter een auto met muziek
Op woensdag 20 mei begint het muziekfestival in Nosy Be met een grote optocht 's middags om drie uur door de hoofdstraat, carnaval noemen de lokale mensen het. We gaan eten bij een lekker restaurantje met terras aan de hoofdstraat. Langzamerhand verzamelen zich de toeschouwers, sommigen met leuke hoedjes op en iedereen in zijn beste kleren. De optocht blijkt te bestaan uit plaatselijke verenigingen, bedrijven en scholen die achter een auto met muziek een dansje uitvoeren en soms stunts uithalen als op hun handen lopen of een radslag maken. 
De aankleding van de groepen is eenvoudig: papierenrokjes, simpele T-shirts, soms zijn de gezichten beschilderd. Iedereen heeft veel plezier en de toeschouwers vermaken zich prima, net als wij.
De toeschouwers vermaken zich prima!
De optocht gaat nog door de rest van het stadje, maar wij houden het voor gezien. Vanaf de Pélagie horen we de toespraken in het Frans en de muziek klinkt nog tot negen uur 's avonds, iedereen moet de volgende dag weer vroeg aan het werk.
Wij ook, want het wieltje van Peltje heeft het weer begeven! Daar balen we van, maar er zit niets anders op dan nog een keer terug te gaan en vragen of ze het nóg steviger kunnen repareren. 
De reparatie werksplaats buiten én binnen
De jongens zeggen ja en beloven ook de steunen van onze ventilator te repareren en de houder van het anker te lassen. Om half twaalf zou alles klaar zijn! Wij doen ondertussen boodschappen, ik ga eindelijk naar de kapper en om half twaalf is inderdaad alles klaar! We betalen zes euro en geven nog twee euro fooi. Dat hebben ze verdiend voor de snelle service. Nu een paar dagen later houdt het wieltje van Peltje nog steeds, hoera.

In Russian Bay
In Russian Bay
Het muziekfestival houden we verder voor gezien en nog die middag vertrekken we naar een prachtige baai ten westen van Nosy Be. Helaas is er geen wind, de motor moet bij. De elektra kunnen we eigenlijk wel goed gebruiken, het is duidelijk merkbaar dat we verder van de evenaar af zitten en dat het hier nu winter is. De zon staat beduidend lager aan de horizon, dus minder opbrengst van onze zonnepanelen. De temperatuur is prima, niet meer zo warm als in Sri Lanka. Meestal is er een verkoelend windje en 's nachts slapen we weer onder een laken, lekker.
Vracht zeilschip
Aan het eind van de middag valt ons anker in een prachtige baai, tegenover een klein dorpje naast een ander zeilschip. Het dorpje heeft geen elektriciteit, de enige twee lichtjes na zessen zijn die van de beide zeilschepen.
De volgende ochtend gaan we langs bij onze buren op het andere zeilschip, Nathalie en Bertrand; wat zouden we hier kunnen doen? Zij gaan 's middags op pad om vrienden op te zoeken, we kunnen wel mee lopen. Het dorp bestaat uit een aantal huisjes van simpel hout en met daken van palm bladeren. De kinderen lopen rond in oude kapotte kleren. Hier hebben ze echt helemaal niets. Clarissa laat haar nieuwe zonnepaneeltje zien. De accu en het controlepaneel zitten samen in een klein zwart doosje. Nu heeft ze, als enige in het dorp 's avonds licht met drie led lampjes.
Wandelen
Het is een mooie wandeling langs de berg met schitterende uitzichten. De vrienden bouwen een motorboot, hier in het midden van niets, dus alles zelf doen. Er staat wel een generator. Hij is een ook een zeiler en we kletsen leuk.
De volgende ochtend wandelen we over de berg de andere kant op ook met mooie uitzichten en praten met Andre. Hij is Oostenrijker en heeft een klein winkeltje hier in dit dorpje. Er is helemaal niets, maar voor hem is dat prima. 's
Rijst "dorsen"
Middags komen Nathalie en Bertrand bij ons een drankje halen. "Dit dorpje is alleen een vissersdorp, de gezinnen komen hier alleen in de droge tijd om te vissen hun eigenlijke huis is verderop, waar ze in de natte tijd rijst verbouwen". De vis wordt gedroogd en in Nosy Be verkocht.


Baramahamay rivier
Zondag, eerste pinksterdag, vertrekken we naar de monding van de Baramahamay rivier. Onderweg vangen we een grote makreel. Fijn, daar kunnen we zeker 8 keer van eten. De rivier is prachtig met uitzicht op bergen en mangrove's. Met Peltje varen we naar de kant waar we andere toeristen tegen het lijf lopen, ook Nederlanders! Zij zijn hier een nachtje met een privé boottocht en gaan morgen weer terug naar Nosy Be. Op dit strand worden twee grote houten boten gebouwd. We krijgen een korte rondleiding, ze doen er wel twee jaar over om zo'n grote boot te bouwen. Natuurlijk gaat alles met de hand, elektriciteit is er niet.
Rijst stampen tot rijstmeel
De volgende ochtend nemen we een kijkje in het dorpje op de andere oever. Ook hier simpele huisjes van hout met daken van palmbladeren. Het schoolhoofd komt ons tegemoet en begroet ons in prima Frans. Hij geeft ons een rondleiding door het dorpje waar 120 mensen wonen. 
School, nu geen les
Er is ook een school van twee klassen, helemaal zelf gebouwd, de schoolbanken zijn zelf getimmerd. Toeristen hebben het golfplaten dak en de bibliotheek betaald. Er zijn best veel boeken, wel twee kasten vol die komen straks in de bibliotheek, een gebouwtje van steen waar nog aan wordt gewerkt. Ook wij doen een kleine donatie. Nu maar hopen dat die niet in de zakken van het schoolhoofd verdwijnt.
Kraan in het dorp, betaald door toeristen
Het dorpje heeft een waterleiding van water van de berg, nu zijn een drietal kranen en wasplaatsen waar druk gebruik van wordt gemaakt. Op de berg is een klein dammetje aangelegd vanwaar rubberen slangen een bassin vullen. "Betaald door toeristen" vertelt het schoolhoofd. Vlak buiten het dorp is nog een waterbassin. Hier wordt extra water bewaard voor de droge tijd. Een zonnepaneel drijft een pomp aan die ervoor zorgt dat het water in het hoger gelegen eerste bassin komt. Ook allemaal betaald door toeristen.
Wandelen langs geërodeerde hellingen
Wij wandelen verder het land in, langs mangroves, maniokveldjes en de zeboes die hier gewoon los lopen. 's Middags gaan we anker op een eilandje verder naar het zuiden.
Hier is nergens telefoon ontvangst en dus ook geen internet. De foto's komen later.
----------
radio email processed by SailMail
for information see: http://www.sailmail.com

woensdag 20 mei 2015

Heilige makies in Nosy Komba



Nosy Be vanaf de top van Nosy Komba

Klussen

Weer terug op de Pélagie kijken we allereerst naar de achterwieltjes van Peltje. In het rechterwieltje zit een grote scheur in de plastic as en de band is lek! Sergio had gezegd dat hij naar de reparatie zou kijken terwijl we weg waren, maar er is natuurlijk niets gebeurd. Allereerst moet de band er af, nog best een klus wat uiteindelijk lukt met hulp van een aantal mannen aan de kant. Jimmy zegt dat hij wel een adresje weet waar ze de as kunnen repareren met kit. Inderdaad, een halve dag later ziet de as er weer stevig uit. Nils plakt de binnenband maar kan hem er niet goed op krijgen. Ook hiervoor weet Jimmy een adresje. Zodra de band is opgepompt, klapt de as weer uit elkaar, niet stevig genoeg. Deze mannen weten een andere oplossing: de as moet met fiberglas versterkt worden. Weer een dag later is dat ook opgelost en zit de band weer op en..... alles houdt. Ondertussen is ook de was gedaan en de website bijgewerkt, dus besluiten we naar het buureiland, Nosy Komba te vertrekken.



Heilige makies.

Hoewel Madagaskar deels een christelijk land is, zijn animistische tradities en voorouders heel belangrijk. Er zijn sterke lokale gebodenen en verboden, "fady". Op Nosy Komba zijn traditioneel de makies "heilig". Er werd en wordt niet op ze gejaagd, integendeel de lokale bewoners voeren ze soms. Het gevolg is dat de makies er totaal niet bang zijn voor mensen, integendeel ze verwachten een banaan te krijgen. Dit is in de laatste jaren uitgegroeid tot een ware toeristenattractie. Nou ja, voor Madagaskar dan; de aantallen toeristen zijn hier niet zo groot. Het dorp speelt hier op in door ook allerlei handwerk te verkopen; ondertussen is er een resort en zijn er restaurantjes.

De makies zijn totaal niet bang en vooral geintereseerd in bananen
Maandagmiddag 18 mei varen we in een uurtje naar de baai voor Nosy Komba. De volgende ochtend om acht uur landen we op het strand bij het dorpje. We hebben al meteen veel plezier van de gerepareerde wieltjes, Peltje moet wel 30 m het strand op. Al snel vindt een gids ons, voor het lemuren park moeten we hier linksaf en kaartjes kopen. Eén euro 50 per persoon is geen probleem. De gids neemt meteen een aantal bananen mee en ook wij hebben er wat in onze rugzak. 200 m buiten het dorp wachten de markies al op ons, aangetrokken door het roepen van onze gids. We krijgen een banaan in onze handen geduwd en ploeps, daar zitten de eerste makies al op onze schouders. Ik schrik ervan, maar Nils vindt het heel leuk. De makies proberen met alle macht de bananen uit onze hand te trekken. Ze eten de hele banaan met schil en al.

Het is een heel bijzonder gezicht en een heel bijzonder gevoel die half-apen zo vlak bij je. Ik vind het toch een beetje eng, het zijn tenslotte wilde beesten, maar de gids verzekert me dat het geen enkel probleem is. Het is wel genieten geblazen.

De gids neemt ons mee naar de andere dieren die hij hier ook heeft verzameld: slangen en drie soorten schildpadden. Ja en dan moeten we afrekenen, altijd ingewikkeld. Ik had van tevoren gevraagd hoeveel en als antwoord gekregen: "Zie maar". Nu blijkt 10.000 Ariary, drieënhalve euro, niet genoeg hij wil 20.000 hebben; nou ja het was heel leuk dus geen probleem.

Zelf lopen we nog een eind omhoog naar het mooie uitzicht op de baai van Nosy Be. We komen langs allerlei fruitbomen en langs de waterleiding, dat is hier goed geregeld. 
Wel 2 keer zien we een grote wurgslang op het pad. Gelukkig gaat hij, als hij ons hoort, er snel vandoor.

De kinderen spelen vrolijk op de grond
Terug in het dorp komen we langs een klein, gezellig restaurantje. "Als je hier wilt eten moet je eerst bestellen", zegt de eigenares. Dat doen we voor over een uurtje. Eerst drinken we even wat en dan lopen we nog even rond. Aan onze maaltijd wordt al gewerkt: de man snijdt de groenten onder een afdakje, de vrouw is druk bezig in de keuken, de houtvuurtjes branden al. De kindertjes spelen en zingen op de grond op het zand.

Aan ons eten wordt gewerkt
We lopen langs alle winkeltjes, kijken nog naar een handgemaakte tafelkleed maar vinden niet de juiste maat. Bij de school spelen heel veel kinderen, de jongens voetballen op het strand, de meisjes elastieken net zoals wij vroeger deden: een lang elastiek wordt steeds hoger gehouden, eerst om de enkels, dan om de knieën en uiteindelijk om je middel. De ander moet er in en er opspringen volgens bepaalde regels. Ineens rent iedereen naar de kraan voor nog een slokje water. De jongens spoelen het zand van hun benen. Iedereen gaat in de rij staan voor de school, blijkbaar is het speelkwartier afgelopen.

In de rij na het speelkwartier
De vriendelijke onderwijzer vraagt in het Frans of we even binnen willen kijken, ja natuurlijk! Achter de kinderen aan lopen we naar binnen het kleine leslokaal in. Het is ongelooflijk maar in dit lokaal staan 20 banken waar de kinderen met z'n drieën aanzitten, met 60 kinderen hartstikke vol dus. 
60 kinderen in de klas!
We stellen ons voor met onze namen en samen met de kinderen tellen we in het Engels tot 30.  Daarna nemen we afscheid, jammer genoeg hebben we geen schriften of pennen voor de school.

Het eten in het restaurantje is heerlijk!. Zo hebben we toch wat geld in de lokale economie achtergelaten. Vandaag woensdag 20 mei begint het festival in Nosy Be met een optocht. Die willen we graag zien, dus straks varen we weer terug.

Foto's
Er staan nu foto's bij de berichten uit Chagos en de oversteek naar Madagaskar, dus kijk nog even terug!